Archief | augustus 2011

Tiener-Alice

Iets meer dan negen jaar geleden wandelde Tiener-Alice de gang van haar school in. Het moet geen zicht geweest zijn, want Tiener-Alice die hield nogal van alles wat met Gothic te maken had. Lange vleermuisachtige mouwen, zwarte nagellak, piekenbanden rond de polsen… zelfs een handtas in de vorm van een doodskistje.
Tiener-Alice positioneerde zich in de hal tegen de muur naast de refter. Elke dag om te wachten op haar vriendinnen. En verlegen dat ze was… meestal met haar zwarte gemaakte ogen neergeslagen of starend naar de inkom. Tot de dag dat ze haar ogen opsloeg en Tiener-M over zich zag staan. En Tiener-M die zag er een beetje rock & roll uit.
Onnodig te zeggen dat Tiener-Alice de grond even onder zich voelde wegzakken en in haar lange zwarte rok met kant haar knieen begonnen te knikken. Diezelfde dag fluisterde ze tegen haar vriendin: “Die daar, daar ga ik mee trouwen!” En na een starende blik van diezelfde vriendin de vraag “zou jij misschien aan hem zijn naam willen gaan vragen?” Want zo gaat dat als je een tiener bent en de hormonen als krankzinnig door je lijf razen…Dan stuur je vriendinnen af op het slachtoffer en voel je een vlaag van misselijkheid tot ze terug bij jou zijn. Drie maanden stond er in de hoek van haar agenda M zijn naam met daarbij geschreven zit in klas 3TRB met een groot fluo-roze hart rond. Drie maanden lang loensde Tiener-Alice naar haar ‘crush’ in de hal….

Drie maanden later kwam Tiener-Alice op een vrijdagavond de refter ingewandeld voor de jaarlijkse schoolquiz. En wat zag ze in haar verste ooghoek nonchalant hangend op een van de reftertafels? Was het… ja Tiener-M. Ze zou niets laten blijken, hoewel ze zeker was dat de temperatuur in de refter zo maar eventjes met 10 graden steeg en ook haar gelaatskleur enkele tinten meer rood werd. Haar leraar toeristische ruimtes trakteerde hun groepje op een glaasje witte wijn. Ze waren nu toch oud genoeg en ze waren niet echt in schoolverband, dus voor deze ene keer kon het wel. Een glaasje wijn werden er twee en de moed die meestal in haar zware zwarte laarzen zat begon stilletjes meer en meer naar boven te komen. Het was dan ook op die avond dat ze haar eerste woorden tegen Tiener-M zei. Als ze het zich nog goed kan herinneren was het ongeveer “Hey, wat doe jij hier?”
’S avonds in de auto van haar vader zakte ze neer naast hem en zuchtte ze: “Ik ben de man van mijn leven tegengekomen.”

Twee maanden later verbleef Tiener-Alice in het warme Italië op uitwisselingsproject. Ze was ondertussen vriendjes geworden met Tiener-M, maar terzelfder tijd was ze nog meer voor hem gevallen. Op een zonnig terrasje in Padua besloot ze hem een smsje te sturen. Haar beste vriendin en zij maakte een vreugdedansje op het plein toen nog geen tien minuten later haar gsm piepte en Tiener-M cool vroeg of ze misschien een pizza voor hem wou meebrengen uit dolce Italia. Wist hij toen veel dat ze desnoods de toren van Pisa voor hem zou meebrengen als hij dat vroeg.

Drie dagen later nogsteeds in La bella Italia bracht Tiener-Alice een bezoekje aan Verona. En waar staat Verona voor bekend? Romeo en Julia of course. Een bezoekje aan het gekende balkon kon dus niet uitblijven. De legende wil dat als je Julia haar rechterborst vastneemt je zal trouwen met de man waar je op dat ogenblik aan denkt. Niet nodig om te zeggen dat ze de dame in kwestie eens goed betast heb met Tiener-M in haar gedachten?

Eind augustus bracht Tiener-Alice voor het eerst een bezoekje aan de woonplaats van M. en achteraf bekeken kan ze zich wel voorstellen dat het voor de toekomstige schoonmama een behoorlijke schok geweest moet zijn. Tenslotte zag Tiener-Alice eruit als een grote vleermuis. Het was die dag dat Tiener M op de tonen van Alice Cooper “Poison” zei “Gij kunt mij wel krijgen.” Legendarische woorden waarop niks volgde buiten wat gestamel van haar kant en drie dagen slapeloosheid en niet eten.

Tot 26 augustus 2002 rond 11.25 uur. Hij stond haar op te wachten aan de schoolpoort om dan samen naar de bus te lopen. Ze hadden zonet allebei hun zomertaak voor wiskunde moeten inleveren. Want wiskunde was hun beste kant niet. Over koetjes en kalfjes praten lukte niet meer, want Tiener-Alice wou nu wel eens weten wat hij bedoelt had met “Gij kunt mij wel krijgen.” Wat volgde was een knalrood hoofd en een gestamel over “Ik denk dat ik iets voor u voel maar ik ben niet 100% zeker.” En wat daarop volgde was de eerste echte kus en het moment waarop de wereld stopte met draaien voor haar. En typisch Tiener-Alice werd de kus beëindigt met de vraag “Voel je dat? Awel, dan voel je iets voor mij.”

Negen jaar mijn liefje vandaag… exact negen jaar. En ik weet nog precies wat je die dag droeg. Hoe je rook en hoe je eruit zag.
Negen jaar en ik weet nog precies hoe je lippen voor het eerst aanvoelde en hoe je hand in de mijne voelde.
Negen jaar later heb ik nog geen moment spijt van die eerste kus… en hoewel er al duizenden gevolgd zijn hoop ik dat we er nog miljoenen te gaan hebben.
Ik hou van je lief, nog meer dan toen, maar nog minder dan binnen 9 jaar.

Bolleke hier… bolleke daar…

Vrijdagavond vond u mij terug op de enige massabijeenkomst tijdens de zomer waar ik naar toe ga: de bollekesfeesten.
Het was meteen ook de eerste keer dat M en ik fab doggy alleen thuislieten zonder babysit ’s avonds. En ja dat viel mijn moederhart toch wel een beetje zwaar.

Maar terug naar de bollekesfeesten dus. Vrijdagavond was een lekker warme en best wel zwoele avond, die we rond 18 uur inzetten met een gratis rondje bollekes. (Dank u meneer de burgemeester.)
Die burgemeester heb ik trouwens een beetje beledigt; maar hij heeft het denk ik niet gehoord. Toen hij aan ons tafeltje kwam staan zei ons mama “zie daar, de Patrick.” Ik heel subtiel: “Ha en is dat zijn dochter?” Bleek zijn vrouw te zijn. 😀
De rest ging dus aan de bollekes en ik aan de limonade, want hoewel ik een rasechte Antwerpse ben lust ik geen De Koninck.

Daarna deden we ons te goed aan schaaltjes gerookt paardje, ossenvlees (ook wel gekend als Filet D’Anvers), geitenkaasjes, speculaasjes en de mannen gingen zelfs nog voor een beulingbrochette.
Wat laterwe af naar Antwerpen Proeft. We hadden dit jaar echt besloten hier te gaan eten, maar net als andere jaren ergerde we ons aan het hoge “chichi” gehalte en besloten we toch maar ergens anders onze buikjes rond te smullen.

Van daaruit wandelde we naar het Museum voor Schone Kunsten, waar er tangolessen werden gegeven. Op het gezellige terrasje met prachtig zicht op het verlichte museum en de heerlijke zuiderse muziek deden de anderen zich te goed aan nog een bolleke en ik aan een te dure en jammer genoeg ook niet bijster lekkere mojito. Echt genieten was het daar wel.

Maar de maagjes begonnen ondertussen toch echt serieus te knorren. Zeker M. die sinds 10 uur ’s ochtends niets meer had gegeten.
We zetten koers naar Finjan, maar ik herinnerde mij uit mijn studententijd dat pizzeria Nuova Era ook heel lekker was. Vermits het weer nog steeds heerlijk zwoel was placeerde we ons op het terras en smulde van de inderdaad overheerlijke pizza’s, om daarna niet zo geweldige koffie te drinken.

Vermits het ondertussen al redelijk laat was en ik me toch een beetje zorgen maakte over fab doggy besloten we de laatste bus naar huis te nemen, om daarna recht onder de wol te kruipen.

Slechte andijvie, autorijden met de ramen open en hoe dat alles slecht is voor de lijn….

Autorijden dat is niet goed voor u lijn.
Het is zelf ronduit slecht voor u lijn!
“Hoezo?” Hoor ik u al zeggen?
Wel, laat mij u meenemen naar de plek waar het allemaal begon…. zaterdagmorgen op de markt.

Zaterdagmorgen tufte ik met ons corsa’tje en de teerbeminde echtgenoot aan mijn zijde naar de markt in ons buurdorp.
Dat is een wekelijkse gewoonte van mij. I am a sucker voor marktjes. Verse groentjes, lekker olijfjes en gebraden kippen… het kan niet op.
Duizendmaal liever naar de markt voor verse producten dan alles in de supermarkt te komen.

Anyway… we waren dus op de markt en bij onze vaste groenteboer kwamen we tot de constatatie dat hij op verlof vertrok. (Tja, dat doen de meeste normale mensen dan ook in de maanden juli en augustus.) Veel keuze in groentjes was er dus niet meer, tot mij oog viel op een andijvie. Andijvie dat was geleden van vorige winter dat we dat nog eens hadden klaargemaakt. De andijvie ging dus mooi mee naar huis.

Flashforward naar dinsdagavond en onze weekmenu: cordon blue met andijviepuree.
En voor één keer in die tien jaar dat we samen lief en leed delen besloot M. te koken en mocht ik met de pootjes omhoog in de zetel relaxen.
(Ik stel het heel wat mooier voor dan het is hoor. M. die kookt houdt in dat ik om de vijf minuten recht kan staan en ik constant volgende vragen krijgt toegeworpen: “zijn dit genoeg aardappelen? Is de andijvie klein genoeg gesneden? Moet er zout bij de aardappelen? Hoe hoog moet het vuur staan? Weet jij waar de andijvie is? Moet ik die andijvie wassen? Is dit niet te veel andijvie? And so on and so on. Om u het volledige beeld te schetsen… ik wordt dan een beetje krikkel, begin stomme antwoorden te geven, waardoor M. krikkel wordt en we boven de andijvie wat hangen te kibbelen.)
Maar uiteindelijk kwam er dus andijviepuree met cordon blue op de tafel te staan. Na twee happen was het duidelijk dat we over een geweldig lekkere cordon blue beschikte. Echt petje af voor de beenhouwer in kwestie. Maar terzelfder tijd werd het pijnlijk duidelijk dat we een vreselijk slechte andijvie hadden getroffen. M. begon zichzelf natuurlijk onmiddellijk de schuld te geven, maar kan na enige geruststelling van mijn het toch laten varen. (Wat kan je nu in hemelsnaam verkeerd doen aan een andijvie!)
Kort samengevat kwam het erop neer dat we ons vlees opaten en de volledige inhoud van de andijviepuree de vuilnisbak inkieperde. (Zelfs fab doggy wilde er geen hapje van nemen toen we het probeerde!)

Na het afruimen van de tafel en Fab doggy te hebben afgezet bij mijn ouders, was het tijd voor een ritje met de auto. Want ik ben platvoetjes woorden nog niet vergeten en zijn berekening hoeveel uren ik effectief zou moeten rijden alvorens ik zou mogen zeggen dat ik een beetje kon rijden. Maar eventjes totaal naast het verhaal voor de geïnteresseerde… het rijden gaat goed. Erg goed zou ik zelf durven zeggen. Zowel mijn vader als mijn ventje zijn onder de indruk over hoe ik rij. Dat kan betekenen dat ik goed rij 😀 Maar ook dat deze twee heren jammer genoeg erg weinig vertrouwen hadden in ondergetekende.

Dus ik probeer toch elke dag een uurtje met de auto te rijden. Gisteren ging ik de kant van Hemiksem en Schelle een beetje onveilig maken. Heerlijk was het, lekker rijden met de raampjes open. En wat komen we toch wel niet tegen op onze weg… U weet het niet… maar ik ga het u vertellen… een Mc donalds. Onze maagjes knorren, ons karige avondmaal is al bijna helemaal verteert en M. kijkt me met kleine oogjes aan. Zullen we? Een kwartiertje later zetten we ons neer aan een tafeltje met een schotel vol frietjes, chicken nuggets, big mac en voor mij een milkshake.

En voor een keertje zou dat geen kwaad kunnen… maar vorige week brachten we tijdens een rondje rijden een bezoekje aan het ijssalon. Waarbij ik ontdekte dat perzikijs niet zo lekker is als een echte perzik. (Who would have guessed?)
En vanavond denk ik dat ik onze fab doggy mee in de auto gooi en een terrasje ga doen in een of ander park.

Slecht voor de lijn… I tell you!

Dromen…

Ik droom eigenlijk best wel graag.

Dromen kunnen soms zo lekker maf zijn… helemaal niet gebaseerd op de werkelijkheid.
Dan heb ik opeens 8 armen en geraakt het hele huishouden in een twee drie in orde en kook ik voor 20 mensen en tegelijkertijd kan ik nog smsen naar wie ik wil en doe ik ook nog eens de strijk.
Of ik ben heel erg klein en woon in een paddenstoel en ik spreek tegen de eekhoorns die me elke dag naar mijn werk brengen ergens tussen een braamstruik en een distel. Waar mijn baas eigenlijk een dikke pad is. (Hoor ik daar een vleugje realiteit?) En we elke avond in een eikeltje over de rivier varen.

Of ze lijken wel realistisch, maar je weet je dat het nooit kan. Een andere realiteit zeg maar. Een andere, meestal betere versie van jezelf.
Dan ben ik opeens heerlijk slank, dans ik salsa als de beste en shakte M. cocktails als Tom Cruise op een of ander exotisch strand. Of dan kan ik opeens schilderen als Picasso heb ik een eigen expositie ruimte en wordt ik gevraagd om in New York te komen exposeren.
Of ze brengen me terug naar plekken waar ik graag was. Dan zit ik opeens weer aan dat ontbijttafeltje in Florida met hun heerlijke sneetjes toast met zoute roomboter. Of ik sta met M. terug voor het altaar en kan alleen maar in die prachtige ogen van hem staren. Of ik zie me fab doggy terug uit de doos nemen toen hij nog heel klein was en nog zo een lekker dik kontje had en zijn kopje nog in de palm van mijn hand paste.

Over het algemeen hou ik dus erg van dromen. Ik kan zelf teleurgesteld zijn als ik niet kan herinneren wat ik heb gedroomd.
Maar dromen zoals vannacht die mogen ze houden. Dromen waarin ik besef wat ik zo hard mis. Dat het zelf in de droom bijna pijn doet om aan alles herinnert te worden. Dromen die de doos van pandora openmaken en de plaag van de herinnering op me loslaten. Dromen die in mij wakker maken wat ik tijdens de dag kan negeren en ontkennen. Waarvan ik kan doen dat het nooit gebeurt, is en het gewoon kan vergeten. En het ergste van al is dat ik wakker wordt met een schuldgevoel, met een diep gat in mij, verdrietig en een beetje koud, soms zelf een beetje boos en teleurgesteld… maar bijna altijd met het gevoel laat me terug in slaap vallen want ik wil terug. Ik wil zo verdomd graag terug.

De kogel is door de kerk

Ik wil alvast iedereen bedanken voor de superleuke ideetjes en de vele reacties.

De kogel is ondertussen door de kerk…. We gaan naar de film.
Ik weet dat we dat eerst niet wilden doen, omdat ikzelf niet echt van de cinema hou. Maar laten we nu ongelooflijk veel punten gespaard hebben bij Belgacom en laat nu net een deel van die punten bijna vervallen, dus hebben we onze 4000 vervallende punten ingeruild tegen bioscooptickets. (Zo blijven er nog steeds 10.000 punten staan en kan ik blijven dromen van gratis airmiles of gratis tickers voor de efteling) maar kunnen wij wel naar de cinema gratis en voor niets dan nog wel.

En de film is alvast ook gekozen. Het was eigenlijk de film die me deed besluiten een bezoekje aan de bioscoop toch te overwegen. The Green Lantern wordt het. En ja, dat mag dan misschien helemaal niet meisjesachtig klinken, maar ik ben nogal een nerd op het vlak van superhelden. Helemaal gek ben ik van superman, X-man en andere consorten. En mijn echtgenoot hoor je dan niet klagen hoor.
Dus regelde we een babysitter voor fab doggy. Hij mag fijn enkele uurtjes naar mijn ouders. En wij kunnen zo een hapje eten en een filmpje meepikken.
M. moest er bijna om lachen, want de week daarvoor ga ik met mama naar Harry Potter. Tweemaal op één week naar de bioscoop voor een bioscoophater als ik… de wonderen zijn de wereld nog niet uit.
Maar we laten jullie ideeën zeker niet aan ons voorbij gaan.
Romantisch gaan wandelen in het park doen we eigenlijk wekelijks al. Het voordeel van twee fab doggies te hebben die in het weekend graag hun beentjes strekken.
Probleem is ook dat we zoveel al bijna elke week doen. Koken en een filmpje zien is onze vaste zaterdagavond date met elkaar.
Van Christa kregen we het idee om te gaan lasertaggen. En het zal haar misschien verbazen, maar dat willen we al jaren erg graag. Maar en nu komt de grote maar… dat moet je in groep doen. Je kan dat niet boeken voor twee personen.
De daguitstapjes naar de zee en de Ardennen stonden al op het programma voor onze vrije week in september. Dus die komen er zeker van!
En doornroosjes idee vond ik ook super… was het niet dat mijn lieve mannetje niet in bad mag van de dokters, ons bad te klein om met twee in te gaan en samen in bad betekend dat fab doggy er ook nog eens inspringt.

 Dus het wordt een avondje cinema en eigenlijk kijk ik er wel naar uit.
Tenslotte is het onze verjaardag van ons samenzijn. We hebben nog twee huwelijksverjaardagen te vieren ook he? 😀

Tips?

Eind augustus delen M en ik 9 jaar lief en leed. Meestal vieren we dat met een etentje. Dit jaar hebben we het al gehad over een bioscoopbezoekje. Maar vermits M. weet dat ik een hekel heb aan de bioscoop en er ook niets draait dat we echt graag willen zien, werd dat plan afgevoerd. Daarna opperde we het idee van een paar uurtjes privé-sauna, maar daar ben je al snel 150 euro aan kwijt en dat vinden we zo vlak voor onze vakantie iets te veel van het goede.

Dus graag budgetvriendelijke tips!

Hobbit-voetje krijgt eer-herstel

Eerherstel voor hobbit-voetje. Ik zat er al een tijdje over te denken, maar tijd om te bloggen was er amper.

Vorige week zat ik voor de laatste keer in het ford fiesta’tje van de rijschool naast hobbit-voetje. 20 lessen hadden we doorgebracht in dat auto. Twintig lessen waarin we ons vooral beperkte tot rij-gesprekken. Ik hoor u denken… daar ben je er toch voor? En u hebt natuurlijk absoluut gelijk. Als je het zeer royale bedrag voor rijlessen hebt betaald dan wil je natuurlijk leren rijden. (En dit is zeker geen klaagzang over de riante som die de rijschool vraagt, want ik vond dat ik er meer dan genoeg voor in de plaats kreeg. Dus het waren heel goed geïnvesteerde centjes.)

Maar toch… heb ik jullie al eens verteld dat ik als pas 18 jarige ook al eens achter het stuur van de rijschool kroop? Toen met instructuur R, die geen vijf minuten zijn mond hield, grapjes maakte en me vaak over zijn reizen vertelde. We hielden regelmatig halt, namen een pauze en gingen zelfs eenmaal door de drive trough van Mc Donalds voor een frisse cola. Om maar te zeggen dat het contrast tussen R en hobbit voetje niet bepaalt klein te noemen was.

Na een les of drie kwam ik erachter dat Hobbit-voetje geen prater was. Hoewel hij uren kon doorgaan over de voordelen van lichten die op rood springen als je meer dan 50 reed of de nadelen van een benzine wagen, kwam ik niets meer over hem te weten. Correctie, ik kwam te weten dat hij met de rugzak door Costa Rica was getrokken. En dat enkel omdat hij een T-shirt droeg met “I have been to costa Rica” en ik me niet kon inhouden daar toch iets over te vragen. Na een les of vier kwam ik erachter dat ik me eigenlijk heel goed op mijn gemak voelde bij zijn houding. Ikzelf ben niet miss sociaal en ik heb een hekel aan geforceerde gesprekken om ongemakkelijke stiltes te voorkomen. Niks van dat alles bij hobbit-voetje. Niks ongemakkelijke stiltes en niks geforceerde gesprekken. Zoals ik in een eerste blogje al zei “Just drive and shut up.”

En toen hobbit voetje in les 13 zei dat ik niet slecht reed, wist ik dan ook dat hij het meende. Vermits hij van niet veel hot or cold werd, was een matig compliment van hem echt een overwinning voor mij.

De laatste twee lessen kregen we in ons auto’tje gezelschap van M en mijn papa. (Om beurt, niet allebei tegelijk, dat zou mijn zenuwen echt te veel parten hebben gespeeld.) Deze twee heren namen namelijk de rest van mijn opleiding op zich en wouden toch al eens graag polshoogte nemen hoe de zaken ervoor stonden alvorens zelf met mij de baan op te gaan. Alleen rijden zie ik zeker de eerste weken echt nog niet zitten. Mijn papa vond hobbit-voetje een beetje een muggenziften en de wettelijke echtgenoot ergerde zich aan het feit dat ik onvoldoende had leren rijden op mijn ambriage. (Nog steeds geen idee hoe je dit schrijft trouwens.) Maar en hieruit blijkt het ongelooflijke talent waarover hobbit-voetje schijnbaar beschikt, toen zij mijn vader: “Dit is echt 40% beter dan toen je met R. hebt leren rijden.” De dag daarna zei ik tegen M. “Ik ga hem toch wel een beetje missen.”

De eerste echte lach die ik van hem te zien kreeg was toen hij me het bekwaamheidsattest overhandigde en me nog enkele tips gaf over hoe ik het veiligste op de baan zou zijn en hoe ik zeker zou slagen voor het uiteindelijke examen.

De volgende dag stond ik met dat attest al in het gemeentehuis bij een uiterst vriendelijke (kuch kuch kuch) dame. Met voorlopig rijbewijs op zak verliet ik het gemeentehuis. Nu kon het echt beginnen. M. regelde ondertussen alles met de verzekering, dus kon ik gisteren de baan op.

Nu ja, de baan op. We gingen eerst naar het nabijgelegen industrietrein, vermits ons opel’tje helemaal anders rijd dan de diesel-ford van de rijschool. Naar mijn bescheiden mening rijdt onze auto makkelijker. Zachter schakelen, minder hard moeten remmen, etc… Ik ben dus heel blij met ons grijs opeltje. Na enkele proefritjes rond het industrietrein, een oefening draaien in de straat en een oefening parkeren, reden we via de echte baan terug naar huis, waar ik me van papa mocht parkeren voor de deur. Onze eerste rit met mijn auto besloot papa met de woorden: “ik denk dat je binnen een maand wel kan rijden.” Een pak van mijn hart, want ik heb behoorlijk wat zenuwen. 20 uurtjes rijles stelt echt niets voor. Oke, je leert de basistechnieken en krijgt een beetje voeling met het verkeerd. Maar zoals hobbit-voetje zo mooi zei “het duurt minstens 6 maanden voor je van jezelf kan zeggen: “ik kan een beetje rijden.” En dat gevoel heb ik zelf ook echt wel.